Het merendeel is vertegenwoordigd in de deelmarkt
Kiepautobedrijven van Transport en Logistiek Nederland. De
convenantondertekenaars nemen immers niet alleen de eigen
verantwoordelijkheid bij het tegengaan van overbelading, maar
betrekken hier ook actief hun opdrachtgevers/aannemers en partners
bij.
De Provincie roept alle ketenpartners op in de bouw en de grond,
weg- en waterbouwsector om dit voorbeeld te volgen. Maar de
Provincie gaat nog een stap verder in het actief ondersteunen van
het convenant tegen overbelading. In een bestaande
contractrelatie en bij het aangaan/aanbesteden van een contract zal
de Provincie rekening houden met het verbod tot overbelading en
waar mogelijk zal de Provincie hieraan consequenties verbinden.
De provincie Limburg heeft het begrip ‘maatschappelijk verantwoord
ondernemen’ hoog in het vaandel staan. Zowel vanuit haar rol als
bepalende, richtinggevende, beoordelende en controlerende overheid,
maar ook als actieve ‘aanbesteder’ van werken in de bouw en de
grond, weg- en waterbouwsector. Daarnaast is het credo ‘duurzaam
inkopen’ sinds 1 januari 2010 een steeds belangrijker wordende
wettelijk verplichte factor bij alle overheidsuitgaven. Ook
provincies handelen dienovereenkomstig. Naar de opvatting van de
Provincie hoort het handelen conform de geldende wettelijke regels
en normen ook bij maatschappelijk verantwoord ondernemen en
duurzaam inkopen. De Provincie verlangt in die lijn ook van haar
opdrachtnemers dat zij zich aan geldende wetten en normen houden.
Dit geldt ook ten aanzien van de eisen voor belading en
ladingzekering van in te zetten voertuigen. Vanuit de gedachte van
verkeersveiligheid, de belasting van het milieu, het voorkomen van
onevenredige schade aan wegen en eerlijke concurrentie dienen
opdrachtnemers van de Provincie en de eventueel door hen in te
zetten aannemers overbelading van voertuigen en of tekortschietende
ladingzekering te voorkomen.
Door het ondertekenen van de Intentieverklaring met Transport en
Logistiek Nederland levert de provincie Limburg bijdragen aan:
- een verhoging van de verkeersveiligheid op de weg,
- het behoud van de kwaliteit van de wegen,
- een versterking van de regionale economie,
- een eerlijke concurrentiepositie voor die bedrijven die zich aan de wettelijke normen houden,
- de duurzaamheid van de afhandeling van de bulkstromen.